Hoofdstukken van deze gids
Zonnepanelen Gids · 17 hoofdstukkenDeel 1 · Werking en technologie
- 1Hoe een zonnepaneel werkt
- 2Soorten panelen
- 3Celtechnologie: TOPCon, HJT en back contact
- 4Bifaciale en glas-glaspanelen
- 5Rendement, wattpiek en temperatuur
Deel 2 · Dimensioneren en opbrengst
- 6Is je dak geschikt?
- 7Hoeveel panelen je nodig hebt
- 8Opbrengst in Vlaanderen
- 9Oriëntatie en hellingshoek
- 10Schaduw, bypassdiodes en optimizers
- 11Opbrengst opvolgen
Deel 3 · Plaatsing en onderhoud
Deel 4 · Levensduur en garanties
Tot slot
Gids zonnepanelen · Deel 1 · Werking en technologie
2 Soorten panelen
In het kort
Vraag je vandaag in Vlaanderen een offerte aan, dan krijg je bijna altijd monokristallijne panelen. ⏱ In 2025 was wereldwijd zowat 98 % van alle geproduceerde panelen monokristallijn.
Polykristallijne panelen worden praktisch niet meer gemaakt en dunne film haalt rond 2 %. De keuze tussen "mono of poly" speelt geen rol meer. Waar offertes wel in verschillen, is de celtechnologie, het vermogen per paneel en de garantie. Over die eerste lees je meer in Celtechnologie: TOPCon, HJT en back contact, over de laatste in Product- en vermogensgarantie.
Van zonnecel tot paneel
Een zonnepaneel bestaat uit tientallen zonnecellen, in serie geschakeld en ingekapseld tussen glas en een achterlaag. Bij de meeste panelen is een cel een dun plakje silicium, een wafer. Hoe dat silicium gekweekt werd, geeft het paneeltype zijn naam. Hoe zonlicht in een cel stroom wordt, lees je in Hoe een zonnepaneel werkt.

VideoHoe worden zonnepanelen gemaakt?Bron: Het Klokhuis (NPO), via YouTube
De drie families
| Familie | Wat is het? | Aandeel wereldproductie 2025 ⏱ | Gemiddeld modulerendement |
|---|---|---|---|
| Monokristallijn silicium | Wafer uit één enkel kristal | 690 van 706 GWp (97,7 %) | 22,7 % voor kristallijn silicium (laagste 18,9 %, hoogste 24,8 %) |
| Polykristallijn silicium | Wafer uit een blok met veel kristalkorrels | 0 GWp, praktisch verdwenen | niet meer in de marktselectie |
| Dunne film | Laag van enkele micrometer op glas, metaal of kunststof | 16 GWp (2 tot 3 %) | cadmiumtelluride ca. 19 %, CIGS ca. 13 % (bij benadering) |
Een GWp is een miljoen kWp. Het modulerendement is het deel van het zonlicht dat het paneel in stroom omzet. De cijfers komen van Fraunhofer ISE, juli 2026. Voor dunne film zijn ze een ondergrens, omdat het rapport maar één fabrikant per technologie meetelt.
Monokristallijn: één kristal
De wafer komt uit één groot siliciumkristal. Meestal wordt dat gekweekt door het heel traag uit gesmolten silicium omhoog te trekken, het Czochralski-proces. Zo'n eenkristal heeft een mooi regelmatige structuur. Het nadeel van die trage productie: het is de duurste soort silicium.
In tien jaar tijd steeg het rendement van commerciële monokristallijne panelen van zowat 17 % naar bijna 25 %.
Polykristallijn: eigenlijk multikristallijn
In een blok multikristallijn silicium groeien heel wat kristalkorrels naast elkaar. Op de grens tussen twee korrels gaan elektronen verloren en wordt de stroom tegengehouden. De materiaalkwaliteit ligt daardoor lager, al is de productie eenvoudiger en goedkoper.
Over de naam bestaat verwarring. Volgens de gangbare vakdefinitie gaat het om de grootte van de korrels:
| Naam | Korrelgrootte |
|---|---|
| Monokristallijn | groter dan 10 cm |
| Multikristallijn | 1 mm tot 10 cm |
| Polykristallijn | 1 µm tot 1 mm |
Wat iedereen een "polykristallijn paneel" noemt, is voor een vakman multikristallijn. Omdat de meeste mensen op "polykristallijn" zoeken, houden wij die term aan.
Tussen 2010 en 2016 was multikristallijn goed voor zowat twee derde van de wereldproductie. Rond 2017 tot 2018 nam monokristallijn de leiding over, en in 2025 is multikristallijn uit de productie verdwenen. Heb je zulke panelen op je dak, dan blijven die gewoon werken. Hoe snel ze verouderen, lees je in Degradatie en levensduur.
Dunne film: een laag van enkele micrometer
Bij dunne film zaagt niemand een wafer. Een laagje halfgeleider wordt rechtstreeks op een drager aangebracht. De commerciële soorten zijn cadmiumtelluride, CIGS en amorf silicium. CIGS staat voor koper, indium, gallium en seleen. Zulke panelen kunnen licht zijn en soms buigen.
Voor een gewone Vlaamse woning krijg je dit zelden voorgesteld, want het marktaandeel is klein. Het rendement per m² ligt ook lager dan bij silicium, waardoor je meer dak nodig hebt voor hetzelfde vermogen.
Hoeveel dakoppervlak per type?
Het oppervlak dat je nodig hebt, reken je zo uit: vermogen gedeeld door rendement × 1.000 W/m². Voor 4 kWp geeft dat:
| Type | Rendement | Oppervlak voor 4 kWp |
|---|---|---|
| Kristallijn silicium (gemiddelde 2024) | 22,7 % | 17,6 m² |
| Cadmiumtelluride | ca. 18,9 % | 21,2 m² |
| CIGS | ca. 12,9 % | 31,0 m² |
Wat betekent dit voor jou?
Laat je een nieuwe installatie plaatsen, dan krijg je in de praktijk monokristallijne panelen. Vergelijk offertes op het vermogen per paneel in Wp, op de garantie en op de prijs per kWp. Hoe je dat aanpakt, lees je in Wat een installatie kost en Offertes vergelijken.
Liggen er al polykristallijne panelen op je dak, dan is er technisch geen reden om ze te vervangen alleen omdat ze van dat type zijn.
Dunne film komt pas in beeld bij een bijzondere toepassing. Veel keuze heb je dan niet.
Eén paneel, meerdere eigenschappen
Een paneel kan tegelijk monokristallijn, bifaciaal en glas-glas zijn. Het gaat om drie verschillende dingen. Monokristallijn zegt iets over het basismateriaal van de cel. TOPCon, HJT en back contact zijn celtechnologieën binnen die monokristallijne familie, geen alternatieven ervoor. Meer daarover in Celtechnologie: TOPCon, HJT en back contact. Bifaciaal betekent dat het paneel aan twee kanten licht opvangt, en glas-glas gaat over de opbouw. Die twee bespreken we in Bifaciale en glas-glaspanelen.
Zwarte cellen, een zwart kader en een zwarte achterkant ogen rustig op je dak. Over de kwaliteit zeggen ze niets. Op een klein dak telt vooral het vermogen per m². Op een ruim dak kan een lagere prijs per kWp zwaarder wegen dan het allerhoogste rendement. Wij zouden daarom altijd het voorstel voor je hele dak vergelijken, en niet één lijn op de datasheet.
Rekenvoorbeeld
Stel: een zuiddak met 35° helling, zonder schaduw, waarop 20 m² aan panelen past. We nemen de rendementen uit de tabel bij "Hoeveel dakoppervlak per type?" en de opbrengst die PVGIS voor Gent berekent, met 14 % systeemverlies en vrijstaande montage. Voor silicium is dat zowat 1.055 kWh per kWp, voor cadmiumtelluride 1.054. Voor CIGS gebruikt PVGIS de optie "CIS" en komt het rond 1.025 uit. Schaduw en degradatie in het eerste jaar laten we weg.
| Type | Vermogen op 20 m² | Jaaropbrengst |
|---|---|---|
| Kristallijn silicium | 4,54 kWp | ca. 4.790 kWh |
| Cadmiumtelluride | 3,78 kWp | ca. 3.980 kWh |
| CIGS | 2,58 kWp | ca. 2.650 kWh |
Per kWp leveren de drie bijna hetzelfde. Op een beperkt dak beslist het modulerendement over je jaaropbrengst: silicium haalt hier zo'n 20 % meer dan cadmiumtelluride en bijna 80 % meer dan CIGS. Heb je 100 m² dak vrij, dan weegt dat verschil een pak minder. En echte panelen hebben vaste maten, waardoor je het aantal altijd moet afronden.
Hoeveel panelen er op jouw dak passen, en welke, verschilt van dak tot dak. Een installateur die ter plaatse meet, vindt de obstakels die op een luchtfoto ontbreken. Omdat je voor 25 tot 30 jaar beslist, rekent de MYNRG Check het eerst door met jouw dak en jouw verbruik.
Goed om te weten
Echt polykristallijn silicium bestaat ook. Het heeft korrels van 1 µm tot 1 mm en wordt gemaakt met dampafzetting.
Multikristallijn ging van twee derde van de wereldproductie naar nul: in 2025 is het 0 van 706 GWp.
Silicium met fosfor in plaats van boor ontsnapt aan een bekend verouderingseffect. In silicium met boor vormen zuurstof en boor samen complexen die de levensduur van de ladingsdragers inkorten. Het is een van de redenen waarom de industrie overschakelde op n-type silicium, met fosfor: 86 % van de wafers in 2025.
Voor- en nadelen
| Familie | Voordelen | Nadelen |
|---|---|---|
| Monokristallijn silicium | Hoogste rendement per m² en de grootste keuze | De duurste soort silicium om te kweken |
| Polykristallijn silicium | Goedkoper te maken, bestaande installaties blijven werken | Lagere materiaalkwaliteit door de korrelgrenzen, niet meer in productie |
| Dunne film | Licht, soms buigzaam, bruikbaar in gebouwgeïntegreerde toepassingen | Lager rendement per m², kleine markt en weinig keuze |
Voor wie het technisch wil weten
PVGIS berekent de temperatuur van de module met het Faiman-model: Tm = Ta + G / (U0 + U1·W). Ta is de luchttemperatuur, G de instraling en W de windsnelheid. Zit er geen lucht achter de module, zoals bij panelen die in het dak zijn ingewerkt, dan koelt ze slechter dan een vrijstaande module. Spectrale effecten rekent PVGIS alleen voor kristallijn silicium en cadmiumtelluride.
Voor Gent, zuid en 35°, geeft PVGIS deze modelresultaten:
| Technologie | Vrijstaand | Dakgeplaatst of ingebouwd |
|---|---|---|
| Kristallijn silicium | 1.055 kWh/kWp | 1.021 |
| Kristallijn silicium, nieuwere coëfficiënten | 1.086 | 1.063 |
| Cadmiumtelluride | 1.054 | 1.040 |
| CIS (verwant aan CIGS) | 1.025 | 1.007 |
Naast de drie families bestaan ook perovskiet en tandemcellen van silicium en perovskiet. Die laten we hier buiten beschouwing.
Veelgestelde vragen
Worden polykristallijne zonnepanelen nog gemaakt?
Niet meer in noemenswaardige aantallen, en in een nieuwe offerte kom je ze niet meer tegen. Liggen ze al op je dak, dan werken ze gewoon verder. Hoeveel ze met de jaren inboeten, lees je in Degradatie en levensduur.
Welk type moet ik kiezen voor mijn dak in Vlaanderen?
In de praktijk kies je tussen monokristallijne panelen met een verschillende celtechnologie, uitgelegd in Celtechnologie: TOPCon, HJT en back contact. Hoe je een datasheet leest, staat in Rendement, wattpiek en temperatuur.
Kan ik oude polykristallijne panelen combineren met nieuwe monokristallijne?
Soms, maar niet zomaar. Nieuwe panelen in een bestaande string veranderen spanning, stroom en werkpunt, ook als ze evenveel wattpiek hebben. Laat spanning en stroom per string nakijken, zoals beschreven in Stringdimensionering. Een aparte ingang op de omvormer voor de nieuwe panelen is vaak de nettere oplossing.
Is een zwart paneel beter dan een blauw?
Nee, de kleur zegt weinig over de kwaliteit. Blauwe panelen zijn meestal oudere polykristallijne, nieuwe monokristallijne zijn zwart of donkerblauw. Vergelijk op vermogen, afmetingen, garantie en prijs per kWp.