Overslaan naar inhoud
Hoofdstukken van deze gidsLaadpaal Gids · 13 hoofdstukken

Deel 1 · Thuis laden

  1. 1Een laadpaal thuis
  2. 2Laadvermogen
  3. 3Stekkers en laadkabels

Deel 2 · Slim en zuinig laden

  1. 4Laden met zonnestroom
  2. 5Load balancing en dynamisch laden
  3. 6Slimme laadpaal
  4. 7Laadkosten vergelijken
  5. 8V2H en V2G

Deel 3 · Installatie en bijzondere situaties

  1. 9Installatie en veiligheid
  2. 10Laadpaal van je werkgever
  3. 11Bedrijven en appartementen
  4. 12Publiek laden en snelladen
  5. 13Laadpaal en je aansluitklasse

Tot slot

  1. ?Veelgestelde vragen
  2. !Wist je dat?

Gids laadpaal · Deel 1 · Thuis laden

3 Stekkers en laadkabels

In het kort

Thuis laad je aan een stopcontact met een speciale laadkabel (laag vermogen, 10 A of 2,3 kW) of aan een vaste laadpaal (meestal tot 11 kW). Een laadpaal heeft een vaste kabel of een type 2-contactdoos waarop je je eigen kabel steekt. Snelladers (gelijkstroom) hebben altijd een vaste kabel, bijna altijd met een CCS2-stekker. Auto, kabel, paal en aansluiting moeten alle vier het vermogen aankunnen dat je wilt.

Drie manieren om te laden

  • Stopcontact met laadkabel (mode 2). In de kabel zit een kastje, de IC-CPD. Dat beveiligt tegen overbelasting en kortsluiting, praat met de auto en past de laadsnelheid aan aan wat huis en auto aankunnen. Aan een gewoon stopcontact blijft de laadstroom rond 10 A.
  • Laadpaal (mode 3, wisselstroom). De paal hangt aan een muur of staat op een voet, thuis, op het werk of langs de straat. Thuis gaat het meestal om 3,7 tot 11 kW; publieke palen in de straat leveren vaak 11 kW, soms 22 kW.
  • Snellaadstation (mode 4, gelijkstroom). Gelijkstroom gaat rechtstreeks naar de batterij en laadt veel sneller dan wisselstroom.

De stekker: wat hangt waaraan?

De Type 2-stekker voor wisselstroom naast de CCS2-stekker voor snelladen
  • Aan de kant van de laadpaal. Heeft de paal een contactdoos, dan is dat in Europa altijd een type 2. Je hebt dan een kabel met de passende stekker nodig. Bij een paal met vaste kabel hoeft dat niet.
  • Snelladers. De kabel zit vast, je eigen kabel blijft in de kofferbak. Bijna alle snelladers hebben een CCS2-stekker. Een klein aantal heeft daarnaast nog de snellaadstekker van oudere Japanse auto's.
  • Publieke palen. Voor nieuwe publieke laadpunten schrijft de Europese verordening voor alternatieve brandstoffen (AFIR) type 2 voor wisselstroom en CCS2 voor gelijkstroom voor. In Nederland is dat uitgewerkt in het Besluit infrastructuur alternatieve brandstoffen.
  • Aan de kant van de auto. Welke stekker jouw auto heeft, staat in de handleiding.
  • Type 2 voor wisselstroom, CCS2 voor gelijkstroom. Type 2 is de gewone stekker voor AC-laden in Europa. CCS2 (ook Combo 2) heeft onder het type 2-deel twee grote extra contacten voor gelijkstroom. Sommige oudere auto's en stations gebruiken een ander systeem. Dat een verloopstuk lijkt te passen, betekent niet dat je het mag gebruiken.
  • Een eigen kabel is handig aan publieke palen zonder vaste kabel. Kijk naar beide uiteinden, de stroom waarvoor de kabel gemaakt is en het aantal fasen. Meer in Publiek laden en snelladen.

Vermogen: fasen en ampère

Een ketting van auto, kabel, laadpaal en aansluiting: de zwakste schakel bepaalt de laadsnelheid
  • Eenfase laden aan 16 A geeft 3,7 kW, driefase aan 3x16 A geeft 11 kW.
  • Voor driefase laden heb je thuis een driefase-aansluiting nodig, meestal 3x25A. Heb je 1x35A, dan vraag je de omzetting aan bij je netbeheerder.
  • Driefase laden werkt alleen als aansluiting, laadpaal, kabel en auto dat allemaal toelaten. Een krachtigere paal heeft geen zin als je auto het niet opneemt.
  • Veel oudere woningen hebben 1x35A, zo'n 8 kW voor het hele huis.
  • De meeste thuislaadpalen gaan tot 11 kW. Thuis is minder meestal genoeg.

Laadtijd berekenen

De formule: laadtijd (uur) = energie (kWh) ÷ vermogen (kW) ÷ rendement. Voorbeeld: 20 kWh bij 10 kW en 90 % rendement duurt ongeveer 2 u 15 min.

Tijd om 100 km bij te laden, met 17 kWh per 100 km en 90 % rendement:

LaadvermogenTijd voor 100 km
11 kW1 u 43 min
7,4 kW2 u 33 min
3,7 kW5 u 6 min
2,3 kW (stopcontact)8 u 13 min

De laadkabel zelf

  • Lengte. De meeste laadkabels zijn 3 tot 5 meter. Zet de laadpaal dicht bij de auto en denk aan vooruit of achteruit inparkeren.
  • Vast of los. Bij een laadpaal kies je tussen een vaste en een losse kabel.
  • Fasen. Een kabel is gemaakt voor één of drie fasen en voor een bepaalde stroom. Een driefase-kabel maakt van een eenfase-boordlader geen driefase-lader: de hele keten blijft zo traag als de zwakste schakel.
  • Geen verlengsnoer. Een gewoon verlengsnoer of een stekkerdoos wordt bij uren laden te warm.
  • Mode 2-kabel. De laadstroom blijft rond 10 A. Een goede mode 2-kabel bewaakt ook gelijkstroomlekken (6 mA DC). Heb je een oude kabel zonder die beveiliging, vervang hem dan.
  • Stopcontact om te laden. Leg het aan op een eigen groep, rechtstreeks vanuit de meterkast, zonder andere stopcontacten erop, met een geaarde contactdoos die geschikt is voor langdurig belasten. De aardlekbeveiliging is 30 mA, en vangt ook gelijkstroomlekken op, tenzij de kabel dat al doet. Dat valt onder NEN 1010; je installateur weet welke onderdelen hij moet kiezen.

Wat doe je bij een beschadigde stekker?

Is een stekker beschadigd, vervormd of verkleurd, wordt hij ongewoon warm of valt het laden steeds uit, dan moet iemand ernaar kijken. Stop de laadbeurt zoals de fabrikant voorschrijft en laat de oorzaak onderzoeken door je installateur. Trek een vergrendelde stekker nooit met kracht los.

Een praktische keuze

Parkeer zoals je dat elke dag doet en kijk of de stekker zonder trekken bij de laadklep komt. Denk aan een tweede auto die er later misschien bij komt. Zorg voor een houder waar kabel en stekker droog en beschermd kunnen hangen. De plek van de laadpaal weegt meer dan een extra meter kabel.

Het net in Nederland: overal 230/400 V

In België ligt op sommige plaatsen nog een 3x230 V-net, waar driefase laden een transformator vraagt. In Nederland niet: het laagspanningsnet is overal 230 V tussen fase en nul en 400 V tussen de fasen (3N400V). Elke auto die driefase kan laden, doet dat hier zonder extra apparatuur, zolang je aansluiting driefase is.

Wat wel speelt: in wijken met veel zonnepanelen kan de spanning op zonnige middagen hoog oplopen. Dat raakt vooral omvormers, minder laadpalen. Hoe dat zit, lees je in Netcongestie en terugleveren.

Snelladen

  • De batterij kan in minder dan een half uur tot 80 % geladen worden; hoe snel precies, hangt aan de auto en de batterij. De laatste 20 % duurt langer.
  • Rond 80 à 90 % gaat het laden trager. Een volle lading kan een half uur tot een uur extra duren. Doe dat af en toe, en volg wat de fabrikant aanraadt.
  • Snelladen is per kWh meestal duurder dan thuis of op het werk, omdat de installatie en het onderhoud duur zijn.
  • Snelladers langs de snelweg leveren vaak 150 kW of meer; hoeveel je auto opneemt, staat in de handleiding.

Rekenvoorbeeld

Een gezin in Arnhem met een aansluiting van 1x35A dat gemiddeld 50 km per dag rijdt.

We gaan uit van:

  • 50 km per dag, rond 18.100 km per jaar: het gemiddelde van een elektrische auto volgens het CBS.
  • 17 kWh per 100 km en 90 % rendement.
  • De auto kan het getoonde vermogen opnemen.
  • Geen kostenberekening, alleen tijd.

Energie per dag van het net: 50 km × 0,17 kWh/km ÷ 0,9 = 9,4 kWh.

OptieVermogenDuur voor 9,4 kWhOpmerking
Stopcontact met mode 2-kabel2,3 kWrond 4 u 6 minNoodoplossing, eigen groep en 6 mA DC-beveiliging nodig
Eenfase-laadpaal3,7 kWrond 2 u 33 minPast op 1x35A (3,7 van 8 kW)
Driefase-laadpaal11 kWrond 51 minVraagt 3x25A, een driefase-paal, kabel en auto

Technisch kan het gezin de dagelijkse rit aan een stopcontact bijladen, in een kleine vier uur. Toch zouden wij dat niet elke dag doen: een stopcontact is niet gemaakt om jaren lang elke nacht uren vol belast te worden. Aan 3,7 kW is het in tweeënhalf uur gebeurd. 11 kW heeft dit gezin niet nodig.

Welke kabel en welke paal bij jou passen, hangt aan de auto, de plek op de oprit en de meterkast. Dat ziet een installateur in één bezoek. Wil je eerst weten wat een laadpaal in jouw situatie oplevert naast zonnepanelen, doe dan de gratis MYNRG Check.

Goed om te weten

  • Een gewoon stopcontact levert maximaal rond 2,3 kW aan de auto. De laadstroom blijft rond 10 A, en 10 A × 230 V is 2,3 kW. Dat is 8 u 13 min per 100 km.
  • Driefase laden vraagt in Nederland geen transformator. Het net is overal 3N400V. Wel heb je een driefase-aansluiting nodig.
  • Een oude mode 2-kabel is niet altijd meer in orde. Kijk of hij gelijkstroomlekken (6 mA DC) bewaakt.
  • Publieke palen gebruiken type 2 en CCS2. Dat is Europees vastgelegd voor nieuwe laadpunten.
  • De laatste 20 % van een snellaadbeurt duurt langer.

Voor- en nadelen

VoordelenNadelen
Laadkabel aan stopcontact (mode 2)Geen laadpaal nodig.Laag vermogen (8 u 13 min per 100 km). Eigen, geaarde groep nodig. Geen verlengsnoer. Oude kabels zonder 6 mA DC-beveiliging af te raden.
Laadpaal met vaste kabelKabel altijd bij de hand, je hoeft geen losse kabel te kiezen.De kabellengte ligt vast (meestal 3 tot 5 m), dus de parkeerrichting telt.
Laadpaal met contactdoos (losse kabel)Je kunt de kabel afstemmen op een andere auto.Je hebt een kabel met de juiste stekker nodig en moet hem opbergen of meenemen.

Voor wie het technisch wil weten

  • IC-CPD. De beveiliging in de mode 2-kabel praat met de auto en past de laadstroom aan.
  • NEN 1010. Deel 7-722 gaat over de voeding van elektrische voertuigen, zowel vaste laadpunten (mode 3 en 4) als contactdozen waaraan geladen wordt (mode 1 en 2). In nieuwe parkeergarages moet een laadpunt mode 3 of mode 4 zijn (Bbl art. 4.199 lid 2). Meer in Installatie en veiligheid.
  • Ampère en kilowatt. Met 230 V per fase geeft 10 A ongeveer 2,3 kW. Dezelfde rekenregel geeft 16 A ≈ 3,7 kW en 32 A ≈ 7,4 kW eenfase, en 3x16 A ≈ 11 kW.
  • Slim laden. Voor de communicatie tussen auto, paal en net: Slimme laadpaal.
  • Bidirectioneel laden. Een bidirectionele laadpaal heeft een omvormer en kan stroom uit de autobatterij terugsturen naar je huis of het net. Publieke bidirectionele palen zijn er nog niet. Meer in V2H en V2G.

Bronnen bij dit hoofdstuk

Veelgestelde vragen

Kan ik mijn auto aan een gewoon stopcontact laden?

Met een mode 2-laadkabel wel, aan rond 10 A (2,3 kW). Gebruik een eigen, geaarde groep en geen verlengsnoer. Zie het als noodoplossing, niet als vaste manier van laden.

Mag ik een verlengsnoer gebruiken?

Liever niet. Een gewoon verlengsnoer of een haspel wordt bij urenlang laden te warm. Zet de laadpaal of het laadstopcontact dicht bij de auto.

Welke kabel heb ik nodig aan een publieke AC-paal?

Heeft de paal geen vaste kabel, dan heb je een eigen type 2-kabel nodig. Kijk naar de stekker aan de autokant, de stroom waarvoor de kabel gemaakt is en het aantal fasen.

Wat als een stekker warm wordt of verkleurt?

Stop de laadbeurt zoals de fabrikant voorschrijft en laat de oorzaak onderzoeken. Steeds opnieuw proberen lost niets op. Trek een vergrendelde stekker niet met kracht los.

Welke stekker hebben snelladers?

Bijna allemaal CCS2, een klein aantal daarnaast de snellaadstekker van oudere Japanse auto's. De kabel zit vast.