Overslaan naar inhoud
Hoofdstukken van deze gidsZonnepanelen Gids · 16 hoofdstukken

Deel 1 · Werking en technologie

  1. 1Hoe een zonnepaneel werkt
  2. 2Soorten panelen
  3. 3Celtechnologie: TOPCon, HJT en back contact
  4. 4Bifaciale en glas-glaspanelen
  5. 5Rendement, wattpiek en temperatuur

Deel 2 · Dimensioneren en opbrengst

  1. 6Hoeveel panelen je nodig hebt
  2. 7Opbrengst in Vlaanderen
  3. 8Oriëntatie en hellingshoek
  4. 9Schaduw, bypassdiodes en optimizers
  5. 10Opbrengst opvolgen

Deel 3 · Plaatsing en onderhoud

  1. 11Panelen op een plat dak
  2. 12Montagesystemen
  3. 13Reinigen en onderhoud
  4. 14Appartement of huurwoning

Deel 4 · Levensduur en garanties

  1. 15Degradatie en levensduur
  2. 16Product- en vermogensgarantie

Tot slot

  1. ?Veelgestelde vragen
  2. !Wist je dat?

Gids zonnepanelen · Deel 4 · Levensduur en garanties

15Degradatie en levensduur

In het kort

Zonnepanelen verliezen langzaam vermogen. Je rekent met 0,5 % per jaar; op de datasheet van nieuwe panelen staat vaak 0,4 %.

Oudere panelen verouderden sneller, rond 0,7 %. Na 25 jaar lever je zo nog ongeveer 88 % van je beginvermogen. Vermogensgaranties lopen nu meestal over 30 jaar. Vlaanderen.be rekent met een gemiddelde levensduur van 25 jaar; veel panelen werken daarna nog door, met minder vermogen.

Wat is degradatie?

Degradatie is het geleidelijke vermogensverlies van een paneel doorheen de jaren, uitgedrukt in procent per jaar ten opzichte van het beginvermogen. Dat is iets anders dan een defect. Een paneel met 0,5 % degradatie per jaar werkt gewoon, het levert alleen elk jaar iets minder. Een defect, zoals gebarsten glas of een kapotte verbinding, is een plotse of lokale fout.

Houd ook twee zaken uit elkaar: - Vermogensverlies van het paneel: de cellen en materialen verouderen. - Prestatieverlies van de installatie: paneel, kabels, omvormer, vuil en schaduw samen. De meeste veldstudies meten dit tweede cijfer. Het bevat dus meer dan paneeldegradatie.

Wat zeggen de studies?
Studie Omvang Resultaat
NREL, 2012 ca. 2.000 cijfers mediaan 0,5 % per jaar
NREL, 2016 meer dan 11.000 cijfers uit bijna 200 studies in 40 landen kristallijn silicium: mediaan 0,5 tot 0,6 %, gemiddelde 0,8 tot 0,9 % per jaar
Amerikaanse vloot, 2023 ca. 19.000 omvormers op ca. 2.200 sites mediaan ca. 0,75 % per jaar, trager in koelere klimaten
Residentiële vloot, 2021 meer dan 8.400 kleine installaties, veel in België, gemiddeld 30 maanden oud 0,74 tot 0,86 % per jaar
Commerciële vloot, 2024 ca. 190.000 omvormers in bijna 6.000 installaties mediaan 0,9 % per jaar

De spreiding is groot, omdat de studies verschillende dingen meten, andere technologieën en leeftijden bevatten en andere methodes gebruiken. Ze gaan vooral over oudere panelen, die sneller verouderden. Voor nieuwe panelen reken je met 0,5 % per jaar.

LID: een sneller verlies in het begin

LID (light-induced degradation, lichtgeïnduceerde degradatie) is een verlies in de eerste uren tot dagen zonlicht bij bepaalde kristallijne siliciumcellen. Volgens IEA PVPS ligt het rond 2 tot 4 %. Het geldt niet als fout zolang het verlies niet groter is dan wat de nominale vermogensklasse al in rekening brengt. Daarom lijkt het eerste jaar vaak sneller te dalen dan de volgende.

LeTID: traag verlies, dan herstel

LeTID (light- and elevated temperature-induced degradation) is een verlies dat zich langzaam opbouwt bij warmte en licht en daarna gedeeltelijk of volledig herstelt. Het treft vooral PERC-cellen, een veelgebruikte celtechniek. Fraunhofer ISE mat in testen 2 tot 3,6 % bij mono-PERC en 3,8 tot 7,5 % bij multi-PERC, en tot 9,2 % onder versnelde omstandigheden.

PID: het effect van spanning

PID (potential-induced degradation) ontstaat door de hoge spanning tussen de cellen en het geaarde frame, vooral bij vocht en warmte. Slechts een deel van de panelen in een string is getroffen, het is deels omkeerbaar, en er hoeft niets zichtbaars te veranderen aan het paneel. Bij veel zon is het effect klein, bij weinig licht groter. Je merkt het in je maandcijfers dus moeilijk.

Levensduur: 25 jaar is geen einddatum

De 25 jaar van Vlaanderen.be is een gemiddelde, geen fysieke grens. Fraunhofer ISE rekent in zijn berekeningen met 25 jaar levensduur. Vermogensgaranties lopen nu meestal over 30 jaar, zie Product- en vermogensgarantie. Wat versnelt of vertraagt het verlies? - Warmte, vorst en vervuiling wegen het zwaarst. - Koelere klimaten degraderen trager. Vlaanderen ligt daar gunstig. - Weinig achterventilatie kan de degradatie verhogen. - Een hoge systeemspanning speelt mee bij PID.

Moet je oude panelen vervangen?

Meestal niet. Een goed werkend ouder paneel vervangen levert extra productie op, maar kost een nieuwe investering en werk op het dak, en de oude panelen moeten verwerkt worden. Kijk naar de hele installatie, ook naar de resterende levensduur van omvormer en dak. Het einde van de vermogensgarantie betekent niet dat de panelen onbruikbaar zijn.

Bewaar de productfiches, serienummers en garantievoorwaarden van je panelen. Moet je ooit een claim indienen, dan toets je het gemeten gedrag met die documenten aan de belofte, zie Product- en vermogensgarantie.

Rekenvoorbeeld

Een gezin in Gent heeft 7 panelen van 460 Wp (3,22 kWp) op een zuidgericht dak (35°) en verbruikt 3.500 kWh per jaar.

Aannames: - Opbrengst jaar 1: 3,22 × 1.050 = ca. 3.380 kWh. - Het verlies loopt lineair, ten opzichte van jaar 1. Twee scenario's: 0,4 % per jaar (de waarde op de datasheet van veel nieuwe panelen) en 0,5 % per jaar (de rekenwaarde). - ca. 34 % zelfverbruik zonder batterij, bespaarde stroom 0,35 euro/kWh, injectievergoeding 0,045 euro/kWh. Gewogen: 0,34 × 0,35 + 0,66 × 0,045 = ca. 0,15 euro per kWh. ⏱ - De energieprijzen blijven constant. Dat is een vereenvoudiging.

0,4 % per jaar 0,5 % per jaar
Opbrengst in jaar 25 ten opzichte van jaar 1 90,4 % 88 %
Gemiddelde over 25 jaar 95,2 % 94 %
Totale productie in 25 jaar 80.468 kWh 79.454 kWh
Waarde bij 0,15 euro/kWh ca. 12.100 euro ca. 11.900 euro

Het verschil tussen de scenario's is 1.014 kWh, of ongeveer 150 euro over 25 jaar. Dat is een kleinere onzekerheid dan de evolutie van de elektriciteitsprijs. Degradatie bepaalt je terugverdientijd (Terugverdientijd) dus minder dan het prijsverloop en je zelfverbruik.

Goed om te weten
  • Oudere panelen verouderden sneller. In de grote studie met 11.000 metingen aan oudere panelen is de mediaan 0,5 tot 0,6 % en het gemiddelde 0,8 tot 0,9 %, omdat een groep slechte panelen het optrekt. Voor nieuwe panelen reken je met 0,5 % per jaar.
  • LID, LeTID en PID zijn drie verschillende mechanismen. LID zit in het eerste jaar, LeTID is traag en kan herstellen, PID komt van de spanning en is deels omkeerbaar.
  • Een jaar is geen jaar. Zonder één paneel te veranderen schommelt de PVGIS-opbrengst voor Gent tussen 983 en 1.144 kWh per kWp. Dat is veel meer dan het degradatieverlies van één jaar (0,5 %). Je leest degradatie dus niet af uit twee opeenvolgende jaren.
  • Voor nieuwe celtypes ontbreekt de langste veldgeschiedenis. Studies gaan over oudere technologie, zie Celtechnologie: TOPCon, HJT en back contact.
Voor- en nadelen van de gangbare cijfers
  • Voordeel: je rekent realistisch (Terugverdientijd) en weet wat een vermogensgarantie moet dekken (Product- en vermogensgarantie).
  • Beperking: veldcijfers zijn gemiddelden van oudere technologie.
  • Beperking: prestatieverlies van de installatie omvat meer dan paneeldegradatie.
Voor wie het technisch wil weten
  • Lineair of samengesteld. Bij 0,5 % per jaar lineair blijft na 24 jaar 88 % over (24 × 0,5 % = 12 % verlies). Bij elk jaar 0,5 % van de resterende waarde is dat ongeveer 88,7 %. Het verschil is klein, maar vergelijk een garantie alleen met de rekenwijze die in de garantie zelf staat.
  • Verloop. Een verlies in het eerste jaar gevolgd door een lineair verloop is een gangbare vereenvoudiging. NREL ziet het grootste deel van het vroege verlies in jaar 1, met medianen van −0,25 tot −0,55 % per jaar daarna voor de meeste types.
  • Afwijking van het label. Het werkelijke beginvermogen kan van het label afwijken. Is het label de referentie, dan lees je dat in veldstudies als degradatie.
  • Systeemverlies in PVGIS. De standaardwaarde van 14 % bevat onder meer kabels, omvormer en vuil. Met 10 % verlies geeft PVGIS voor Gent 1.104 kWh/kWp, met 18 % verlies 1.006.
  • Omvormer. Die heeft een eigen levensduur en wordt vaak eerder vervangen, zie Levensduur en vervanging.
Bij 0,4 of 0,5 % degradatie per jaar daalt de opbrengst over 25 jaar maar met 10 tot 12 %, minder dan de weersschommeling tussen jaren.
Tekening volgteen tijdlijn als een pad van een paneel op een dak naar rechts over 30 jaar, met kleine bordjes langs het pad voor LID in het eerste jaar, LeTID na enkele jaren, PID bij hoge spanning en gewone slijtage
Veelgestelde vragen
Hoe lang gaan zonnepanelen mee?

Vlaanderen.be rekent met gemiddeld 25 jaar, met ongeveer 0,5 % vermogensverlies per jaar. Dat is een gemiddelde en geen einddatum: na 25 jaar lever je nog ongeveer 88 % van je beginvermogen en werken panelen meestal door. De omvormer vervang je vaak eerder.

Kan ik degradatie meten aan mijn productiecijfers?

Moeilijk. Het weer verschuift je jaaropbrengst met enkele procenten naar boven of onder, veel meer dan de degradatie. Vergelijk over meerdere jaren en corrigeer voor instraling, zie Opbrengst opvolgen.

Vallen degradatie en defecten onder de garantie?

Een vermogensgarantie dekt vermogensverlies onder een afgesproken grens. Die garanties lopen nu meestal over 30 jaar. Zie Product- en vermogensgarantie.

Bronnen bij dit hoofdstuk